zondag, november 02, 2008

Veel gehoorde uitspraken in Egypte

Als je in Egypte rondloopt, als duidelijk herkenbare buitenlander, dan word je voortdurend aangesproken. Door kleine kinderen, door politieagenten, door oude mannen, en soms zelfs door een vrouw.
Ze zien dat je buitenlander bent, maar dat is niet genoeg. Ze willen absoluut weten waar je vandaan komt.
Dus heel vaak hoor je iets als:
Where you from?
What your nationality?
What country from?


En op toeristische plaatsen zijn de gidsen/verkopers en andere uitbaters soms aardig in staat in te schatten waar mensen vandaan komen. In Egypte spoelen buitenlanders doorgaans met busladingen tegelijk de monumenten in, en dan heeft men vaak snel in de gaten welke taal er door die buitenlanders gesproken wordt.
Maar ik maak er altijd een sport van om die mensen in opperste staat van verwarring achter te laten, ook in Marokko. Ik antwoord namelijk in het Arabisch dat ik Egyptenaar ben (of Marokkaan in Marokko uiteraard). Nu gaat me dat in Marokko gemakkelijker af dan in Egypte, want ik spreek het Egyptisch Arabisch dialect niet zo goed als ik Marokkaans spreek. Maar het verrassingseffect is toch vaak wel aardig.
Maar dan komt vervolgens de reactie (in het Engels):
O you speak nice Arabic?
You live in Egypt?
Ze denken dat je een paar woordjes of zinnetjes Arabisch hebt geleerd. Ook hier doet dan mijn toverformule ("ik ben universitair docent Arabisch") vaak wonderen. Men is daar doorgaans wel van onder de indruk.

Veruit de leukste uitspraak die ik twee keer heb gehoord was:
Hello, can I help you spend your money?
In Luxor hoorde ik dit van een jongeman, die ergens langs de weg op een wat armetierig terrasje met zijn vrienden zat te kijken naar de passanten. Het was op de westoever van de Nijl, daar komen niet zo heel veel toeristen, er staan daar alleen een paar eenvoudige, pensionachtige hotels.
Vanuit de veronderstelling dat dit buitenlandse (echt?)paar te veel geld bij zich had om allemaal op te kunnen maken, wilde deze jongeman ons daar wel mee helpen.
Wat we trouwens ook opvallend vaak zagen daar in Luxor: ietwat oudere westerse dames met jonge Egyptische mannen op terrasjes of samen aan de wandel.

Toen wij samen hand in hand langs winkeltjes of stalletjes liepen is het ook een paar keer voorgekomen dat de handelaar zich tot mij richtte en zei:
You are a lucky man!
Daarbij wilde hij kennelijk zowel mij als mijn partner een compliment geven. Mij met mijn keuze, en haar met haar voorkomen.
Mijn liefje liep er zomers gekleed bij, maar beslist niet te uitdagend.
Maar hoe 'lucky' ik ben met deze partner, daar hebben deze mannen geen weet van.
Overigens hebben we busladingen Russische toeristen gezien, waarbij de dames soms dermate schaars gekleed waren, dat wij ons wel eens afvroegen of deze dames zich realiseren in welk land en in welke samenleving zij te gast zijn.

Een andere interessante uitspraak, in de Khan El Khalili, de grote soek (bazar) van Cairo.
What are you looking for?
Are you looking for anything special?
Dat wordt je gevraagd door de verkopers van talloze stalletjes en winkeltjes die zijn afgeladen met betrekkelijk waardeloze prullen die daar uitsluitend liggen voor de toeristen. Zochten wij een kitscherig kameeltje voor in de vensterbank, of een farao‑bloempot? Of misschien een T‑shirt met een sfynx erop?
Wij kwamen helemaal niet voor die prullen. Wij kwamen voor de eeuwenoude poorten, straatjes, galerijen, moskeeën etc. We hebben al dat moois ook uitgebreid gefotografeerd. Je zag die verkopers dan vertwijfeld staan kijken als we hun prullen geen blik waardig keurden, maar wel geboeid omhoog stonden te kijken naar de bouwwerken (waarover later meer).

En dan tenslotte, de meest gehoorde uitspraak. Ik ging het later in onze onderlinge gesprekken afkorten tot het B‑woord, zodat de in onze nabijheid verkerende Egyptenaren het niet zouden herkennen.
Het B‑woord is bakhshish (bachsjiesj), dat fooi betekent. Iedereen die iets doet aan dienstverlening in de toeristische sector verwacht van de buitenlandse gasten een fooi. Van de agent van de kamelenbrigade van de toeristenpolitie bij de pyramides tot de man op het vliegveld die een label aan je koffer bevestigt. Iedereen verwacht een fooi van je. Uiterst vermoeiend is dat soms.
Ik spaarde alle biljetten van één pond (1/7 euro) om als bakhshish te kunnen geven, maar ik had voortdurend te weinig van die biljetten. Overigens waren sommige bakhshish‑bedelaars bijna beledigd als ik hen één pond aanbood. Dat was ver beneden hun waardigheid om zo'n biljet aan te pakken. Oké, dan niet.
Maar de man van de bagagelabels op het vliegveld heb ik gezegd dat ik helemaal moe was van al dat bakhshishgedoe, en hij leek het nog te begrijpen ook.

Geen opmerkingen: