zondag, december 02, 2018

Het beeld van de Marokkaanse Nederlanders in de Media.



Op 1 december 2018 vond een bijeenkomst plaats onder auspiciën van de Marokkaanse ambassade, waarin gesproken is over het ‘beeld van de Marokkaanse Nederlanders in de media’.
De lijst met deelnemers aan het panel werd bekend op social media. Daarbij ontstond discussie over het thema van de bijeenkomst omdat uit een publicatie kon worden opgemaakt dat het thema zou zijn ‘het beeld van Marokko in de Nederlandse media’. Dat was dus niet zo. Ook werd van mij gevraagd niet deel te nemen aan de bijeenkomst. Ik heb daarop gereageerd dat ik wel deel zou nemen omdat het thema voor mij niet controversieel was.

Ik wil benadrukken dat ik aan niemand verantwoording verschuldigd ben, maar in die discussie heb ik beloofd dat ik verslag zou uitbrengen van die bijeenkomst. Dat doe ik bij deze.

De inhoud
Het woord ‘Marokko’ is vrijwel niet genoemd. Er is zeker NIET gesproken over het beeld van Marokko in de Nederlandse media. Na de publicatie van dat warrige artikel op Hespress, waarin twee thema’s en twee activiteiten voortdurend door elkaar gegooid werden, had ik vooraf gevraagd expliciet het thema te bevestigen en ik had laten weten dat ik niet over het beeld van Marokko wilde spreken.

De aanwezige ambassadeur en consuls hebben zich niet met het gesprek bemoeid. Dat kon ook niet want het was voor 95% in het Nederlands, een beetje in het Arabisch en de afronding in het Engels. De diplomaten zaten de hele tijd op hun telefoons te kijken en als er geapplaudisseerd werd applaudisseerden ze beleefd mee.
De ambassadeur heeft de bijeenkomst ‘afgetrapt’ met een pleidooi voor objectieve pers. Naar mijn mening was hij daarin te negatief over het beeld dat in de Nederlandse media bestaat over de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap. Maar niemand is in staat dat negatieve beeld concreet te kwantificeren.

Vervolgens kwam het panel aan het woord. Het is onmogelijk dat allemaal samen te vatten. Je kunt wel stellen dat de leden van het panel zich hielden aan het thema, maar de opmerkingen en reacties uit de zaal niet. Daar werden de nodige zijsporen bewandeld en stokpaardjes bereden.

Mijn eigen insteek was de volgende:
Als we het hebben over media, waar doelen we dan op? Wat mij betreft nu niet de social media, dat is een wereld apart. Ik heb het zelfs een riool genoemd. We hebben het dus over de traditionele media: kranten, radio, TV. Ik volg de Marokkaanse gemeenschap in Nederland al sinds 1978 en ik heb heel veel zien veranderen. Van mannen alleen via gezinshereniging naar tweede en derde generatie. In die tijd zag ik de eerste Marokkaans Nederlandse arts of advocaat in beeld verschijnen, het eerste kamerlid etc. Zo ook met de media. Ik ken (van naam) een flink aantal Marokkaanse Nederlanders die in de Nederlandse media werkzaam zijn. En bij mij in het panel zaten er twee die ik nog niet kende. Met andere woorden, ik ken lang niet alle Marokkaans Nederlandse mediamensen. Maar mediamensen is een te algemeen begrip, je hebt journalisten, columnisten, programmamakers, filmmakers etc. Het zijn er inmiddels best veel, en daar moet je iets mee kunnen, met dat netwerk. Daarbij gaf ik aan dat de journalisten zich doorgaans bezighouden met alledaags nieuws en daarmee niet zo veel invloed hebben op de beeldvorming. Maar er zijn ook columnisten die ik ‘spraakmakers’ heb genoemd. Zij kunnen de opinie beïnvloeden, daar zijn ze voor. En er zijn een aantal Marokkaans-Nederlandse columnisten die met recht aanspraak kunnen maken op de titel ‘spraakmaker’. Tot 2008 had Youssef Azghari vijf jaar een column in Trouw, en nu heb je o.a. Ibtihal Jadib in de Volkskrant en Lotfi Hamidi in de NRC. 
Ibtihal schreef eerst onder een pseudoniem Hayat, maar sinds dit najaar schrijft ze onder haar eigen naam. Ze schrijft de ene keer over haar leven als jonge werkende moeder en een andere keer over haar Marokkaanse achtergrond. Ze schetst heel alledaagse, ook voor mij herkenbare, situaties uit de Marokkaanse cultuur. Bijvoorbeeld de overdadige bruiloftsfeesten, of de Marokkaanse opvoedstijl. Ik heb ook gezien dat op social media men haar verwijt dat ze de vuile was buiten hangt, dat je die dingen niet in Nederlandse media zou moeten zeggen of schrijven. Daar ben ik het niet mee eens. Om als Marokkaans Nederlandse gemeenschap verder te ontwikkelen tot een onderdeel van de samenleving waarover geen negatieve stereotyperingen meer bestaan, moet ook alles bespreekbaar zijn en besproken kunnen worden. En dat moet van binnenuit gebeuren. Bepaalde aspecten van die ‘vuile was’ kunnen namelijk mede oorzaak zijn van de negatieve beeldvorming.
Daarmee kom ik ook op wat ik als afsluitende opmerking heb gezegd: Hoe je het wendt of keert, de negatieve berichtgeving komt vrijwel altijd voort uit berichten over criminaliteit. De relatief hoge criminaliteit onder Marokkaans Nederlandse jongeren is helaas een feit en daar is ook de gemeenschap zelf verantwoordelijk voor. Werk daar aan! Zorg in de opvoeding dat er geen grote kloof bestaat tussen thuis en op school of straat. Leer je kinderen omgaan met verantwoordelijkheid en geef hen vertrouwen, dan is de stap naar buiten niet zo groot en de kans op ontsporing ook kleiner.

En verder had ik nog veel meer kunnen zeggen want ik had aardig wat citaten uit columns, artikelen en interviews verzameld, maar zoals altijd, de tijd was beperkt. Ik heb wel eerder geschreven over TV-programma’svan Ajouad (=link)  en ‘Groeten uit Marokko' (=link). Daar heb ik nog wat van mijn ideeën over beeldvorming geschreven.

Tenslotte
Van de organiserende jongerenorganisatie Moroccan Dutch Youth Forum heb ik weinig gehoord of gezien. Of zij echt een rol hebben gespeeld bij de organisatie betwijfel ik. Het betrof dus vooral een netwerk-event van de Marokkaanse ambassade in Den Haag. Geeft niet, daar zijn ze voor. In mijn tijd als onderwijsattaché op de Nederlandse ambassade in Rabat heb ik zelf ook menig avondje grotendeels staand doorgebracht op recepties etc. En dat waren ook vrijwel altijd besloten bijeenkomsten. Nu was ik overigens de enige aanwezige zonder Marokkaanse genen J

Voor degenen die vooraf al kritiek hadden op mijn deelname aan dit event: In mijn berichtgeving over Marokko zal helemaal niets veranderen. Ik ben overigens geen journalist hè? (=link)  Ik word er niet voor betaald. Mijn (uiterst spaarzame) contact met de ambassade zal ook blijven, ik geloof in dialoog en daarvoor moet je alle kanalen openhouden. Ook met die criticasters. Zolang ik kritiek krijg van de ene kant dat ik pro-makhzen ben, en van de andere kant dat ik anti ben, zit ik kennelijk ergens in het midden. En als je mijn berichtgeving op Twitter volgt, en daarin mijn eigen opvattingen die ik soms impliciet en soms expliciet laat blijken, dan weet je ook dat ik begrip heb voor het standpunt van hen die protesteren.

En in reactie op vragen en suggesties op Twitter:
Ja, er is vooraf en achteraf gegeten. Op zijn Marokkaans, dus behoorlijk overdadig. Zo gaat dat nu eenmaal. Volgens Marokkaanse traditie kun je iemand niet uitnodigen om deel te nemen aan een activiteit zonder hem vol te stoppen met lekkernijen.
Ja, ik kreeg na afloop een envelop met inhoud. Dat bedrag is inmiddels overgemaakt op de rekening van Centre Fiers et Forts, een stichting in Tamesloht bij Marrakech die geweldig goed werk doet voor straatkinderen. Dat panelleden, die geselecteerd waren vanwege hun professionele kwaliteiten en die hun hele vrije zaterdag opofferden, een beloning kregen voor hun bijdrage vind ik overigens heel normaal.

Afsluitend nog tips voor een onderzoek, voor een scriptie of afstudeeronderzoek:
Ten eerste dus de vraag of er sprake is van negatieve beeldvorming. En meer specifiek: Eén van de aanwezigen zei: “Als we iets positiefs doen zijn we Nederlanders, als we iets negatiefs doen zijn we Marokkanen. Dat bepaalt het beeld.” Ik heb zulke uitspraken eerder gehoord of gelezen, maar ik betwijfel of dat echt stelselmatig gebeurt. Een student taalwetenschap, communicatiewetenschap, media en maatschappij o.i.d. zou hier prima onderzoek naar kunnen doen.

En nog een opmerking over de locatie:
Een Hollandse boerenschuur die is omgetoverd in een bling bling spierwitte Marokkaanse trouwlocatie in een dorp (Zuidland, onder de rook van Pernis), waar ze anders niet vaak Marokkanen zouden zien, denk ik.

woensdag, september 05, 2018


Beste lezers/volgers/vrienden,

Sinds afgelopen zaterdag 1 september ben ik vrij man. Ik heb mijn baan bij de Radboud Universiteit opgezegd en ga mij bezighouden met dingen die ik leuk vind. Daaruit kun je dus opmaken dat ik het op de universiteit niet meer leuk vond.
Toen ik er in 2015 terugkwam, na ruim 6 jaar in Rabat op het NIMAR te hebben gewerkt, kwam ik in een totaal veranderde situatie terecht. Ik kon mijn specialismen niet meer kwijt in Nijmegen (Marokkaans Arabisch dialect onderwijzen, Modern Standaard Arabisch op hoog niveau onderwijzen).

Dus dan maar de 'vlucht naar voren'.
Ik ga meer reizen de komende tijd, en mij wijden aan mijn hobby’s zoals fotograferen. Zie mijn Marokko-albums (en andere landen) op Flickr. 



Het is ook mijn plan om met Arabisch en Marokko bezig te blijven.
Ik heb plannen voor een paar 'projecten', en daar zal ik zeker mee doorgaan. Je kunt niet ruim 40 jaar dag in dag uit met Arabisch bezig zijn en er dan ineens mee stoppen. Ik niet in elk geval.

Ik blijf de situatie in Marokko volgen en daarover twitteren, maar de intensiteit en frequentie zullen minder worden. (@janchoogland).

De projecten die ik nog voor mij zie:
  • Woordenboek Marokkaans Arabisch (Darizja). Ik werk er al jaren aan, samen met mijn collega (en oud‑docent) Roel Otten. We maken een nieuw woordenboek ter vervanging van het Basiswoordenboek Marokkaans Arabisch dat Roel (met mijn assistentie) in 1983 uitbracht.
  • Verder werk ik aan een plan om studenten te helpen bij de stap naar het lezen van authentieke (echte) Arabische teksten. Ik wil daarvoor die teksten van codes te voorzien om de zinstructuur beter inzichtelijk te maken.
  • Een ander project met MSA behelst het maken van een leerwoordenboek met daarin het basisvocabulaire van het MSA, gericht op mediataal (nieuws over politiek, oorlog en strijd, economie etc.). Het is mogelijk met een relatief beperkte woordenschat van ongeveer 2500 woorden heel veel berichten over dit soort onderwerpen goed te begrijpen.
  • En ooit zal er eens een update moeten komen van het grote MSA‑woordenboek. Daar zal ik ongetwijfeld ook een rol in hebben, hoewel ik zo’n update niet helemaal alleen wil doen, zoals bij de 2e druk in 2009.



Verder ga ik misschien ook weer eens reizen naar Marokko begeleiden. Ik praat hierover met verschillende 'partijen'. Ik heb dat ook in 1981 en 1982 gedaan voor het (niet meer bestaande) Cross Country Travels. Later ben ik met groepen studenten naar Marokko gegaan en in de jaren dat ik in Rabat woonde heb ik talloze mensen rondgeleid in Marokko, waaronder een minister, kamerleden, ambassadeurs etc.
Dus wil je met mij naar Marokko (veel vrienden hebben dat wel eens aangegeven), volg dan mijn website of FB, dan blijf je op de hoogte.


Kortom, ik ga mij geen seconde vervelen.

Voor alle projecten geldt: volg mijn site (janhoogland.com) om op de hoogte te blijven.


maandag, juli 03, 2017

De Rif daagt koning Mohammed VI uit

Aboubakr Jamai, een ervaren journalist uit Marokko, die meerdere keren in botsing is gekomen met het regime, schreef een stuk over de huidige situatie in Marokko in Le Monde Diplomatique (https://www.monde-diplomatique.fr/2017/07/JAMAI/57669)(met betaalmuur), dat op Lakome in het Arabisch is vertaald (http://lakome2.com/point-de-vue/28707.html). Die Arabische vertaling wordt ingeleid door een samenvatting van het stuk. Die samenvatting heb ik weer uit het Arabisch vertaald:

In tegenstelling tot wat de autoriteiten beweren, is de bedoeling van de Rif-beweging niet het verhinderen van de uitvoering van het publieke beleid, maar het aantonen van het falen van het Marokkaanse institutionele model dat is gebaseerd op autoriteit (? Lijkt typefout in het origineel) en despotisme enerzijds en anderzijds grote infrastructurele projecten om grotere groei te creëren, ondanks dat grote internationale financiële instellingen zoals de Wereldbank hebben aangetoond dat dit niet werkt.
Jamai, die ook docent internationale betrekkingen is bij American (IAU?) in Aix en Provence meldt ook dat de Rif-beweging weliswaar de koning niet rechtstreeks verantwoordelijk houdt, maar wel indirect door de geschiedenis zich te laten herhalen (na 20-februari beweging in 2011; jh) en door de religieuze bevoegdheden van de koning en de concensus hierover op te schudden.
Hij vermeldt ook dat het ‘opslokken’ van de PJD (islamitische regeringspartij; jh) door de makhzen (deep state, ‘het systeem’; jh) ervoor heeft gezorgd dat die makhzen nu in zijn eentje tegenover de Rif-beweging staat, zonder een ‘beschermend schild’ (in de vorm van die PJD; jh), zoals het geval was in 2011.

dinsdag, juni 27, 2017

update 27 juni over de situatie in Marokko

Op de website NieuwWij heb ik weer een explainer geschreven, nu over de rol en positie van de Marokkaanse islamitische beweging Al Adl wa-l-Ihsan.
Die tekst is te lezen op de website NieuwWij.nl, en via deze link.

Verder werd afgelopen weekend Marokko ineens ook nieuws in Nederland, vanwege een 'diplomatieke kwestie' tussen Marokko en Nederland. Ambassadeur Bellouki werd door zijn minister teruggeroepen naar Rabat voor overleg. Dat is een vrij zwaar middel in het diplomatieke verkeer. Nederland was dan ook 'not amused' over deze stap.
Het heeft te maken met de Marokkaanse Nederlander Saïd Chaou, die volgens Marokko een grote drugscrimineel is, en hij zou ook de protesten in de Rif aanwakkeren. Overigens is Chaou ook in Nederland gearresteerd wegens drugshandel etc. Hij schijnt ook vier maanden vast te hebben gezeten. Het is mij niet geheel duidelijk of hij in Nederland ook een straf heeft uitgezeten daarvoor.

Binnenkort heb ik wellicht meer te melden over deze kwestie. Het is nu jammer dat ik geen onderdeel meer ben van de ambassade in Rabat, hoewel, dan zou ik er niet over mogen schrijven :-)

dinsdag, juni 20, 2017

Disclaimer van een Marokkokenner

Ik heb de afgelopen weken vrij intensief gerapporteerd over de onrust in Marokko. Dat heeft soms ook stekelige reacties opgeleverd. Ik wil me daarom verantwoorden voor wat ik doe en heb gedaan.

Ik zie in Nederland polarisatie ontstaan onder de Marokkaans Nederlandse gemeenschap. Men is voor of tegen de mensen die in Marokko de straat op gaan (niet alleen in El Hoceima, ook elders). Ik hoop objectieve informatie te geven.
Ik zie ook dat er een tekort is aan betrouwbare neutrale informatie. De Nederlandse media publiceren mondjesmaat en ook in het Engels is er niet heel veel beschikbaar.
En als er dan in Nederland over Marokko wordt gepubliceerd ben ik daar wel kritisch op. De feiten moeten wel kloppen. Ik kom hier later op terug.

Voor jullie informatie: ik word er niet voor betaald informatie over Marokko te verspreiden. Ik word betaald om studenten Arabisch te leren. En daar moet ik dus ook het grootste deel van mijn tijd aan besteden.
Maar ik ben wel zeer goed op de hoogte van hoe zaken in Marokko gaan. Ik kom namelijk al 40 jaar in dat land en heb er van begin 2009 tot half 2015 gewoond en gewerkt. En niet zomaar gewerkt. Ik heb heel veel informatie verzameld omdat ik met heel veel mensen in contact kwam, uit vele sectoren: overheden, universiteiten, ngo's, bedrijven, maar ook had ik contact met gewone mensen: mijn tuinman en zijn familie, mijn personeel en hun partners etc. En met diplomaten, want ik was als attaché op de Nederlandse ambassade zelf onderdeel van het diplomatieke circuit. Het grootste deel van mijn blog, gestart in 2006, gaat over die werkzaamheden en contacten.

Op basis van die 40 jaar voel ik mij betrokken bij Marokko (lees mijn stuk op NieuwWij).
Dus in de eerste plaats lees ik berichten over wat er op dit moment allemaal gebeurt daar uit pure belangstelling. Tijdens de vorige periode van protesten in 2011 zat ik er bovenop, nu moet ik het van een afstand volgen. Maar gelukkig zijn er websites met informatie. Ik volg vooral een aantal onafhankelijke nieuwssites in het Arabisch (Hespress, Lakome) en het Frans (TelQuel, Le Desk, Huffington Post Maghreb).
En dan is het soms een kleine moeite wat van die informatie te delen in het Nederlands, vooral via Twitter en sinds een paar weken gebruik ik mijn blog ook voor de actualiteit. En verder heeft de redactie van de site NieuwWij.nl me gevraagd regelmatig te berichten over de gebeurtenissen in Marokko.
Maar nogmaals, dit is niet mijn hoofdactiviteit.

En ja, ik heb zelf ook bepaalde voorkeuren, maar ik probeer in mijn berichten feiten te rapporteren of de ontwikkelingen te analyseren, zonder daarbij mijn eigen mening over de gewenste ontwikkelingen in Marokko te sterk op de voorgrond te plaatsen. Behalve dan de expliciete wens dat dierbare vrienden in Marokko zoals mijn vroegere tuinman, bewaker en werkster een beter leven zullen krijgen.

Ik pretendeer niet compleet te zijn in mijn berichten, niet in wat ik lees en niet in wat ik doorgeef. Ik pretendeer ook niet op professionele wijze te rapporteren, ik ben namelijk geen journalist. Ik weet wel dat ik veel journalisten onder mijn volgers heb, en ik zie af en toe wel eens wat in de berichtgeving terug waarvan ik dan denk: dat komt bij mij vandaan. En ik word ook regelmatig geraadpleegd door journalisten, dus mijn kennis wordt kennelijk wel gewaardeerd.  In de jaren dat ik in Rabat werkte mocht ik niet (officieel) met de pers praten maar dat is nu anders. In de twee jaar dat ik nu weg ben uit Rabat heb ik de media regelmatig te woord gestaan en het NOS‑gebouw in Hilversum heb ik al vanuit diverse richtingen aangevlogen.

Maar ik ben ook kritisch op wat professionele journalisten schrijven over Marokko. Zij worden er wél voor betaald om hun werk goed te doen. Ik ga niet kritisch doen over keuze van onderwerpen, volledigheid of invalshoeken, maar wel over de feiten. Die moeten kloppen. Dus als ik iets lees wat duidelijk niet klopt, dan reageer ik daar op. Zodat de journalist in kwestie een volgende keer weet bij wie hij (gratis!) informatie kan krijgen of checken. En dat gebeurt ook, ik noem geen namen.

Een ander belangrijk bezwaar dat ik al jaren heb: de Nederlandse media sturen geen eigen correspondenten naar Marokko. Het zijn altijd free lancers, die op eigen initiatief naar Marokko vertrekken en daar voor een karig inkomen hard moeten sappelen om hun berichten bij elkaar te sprokkelen. Of die moeten knokken met de Marokkaanse autoriteiten om een accreditatie als journalist te krijgen. En als ze die na twee jaar nog niet hebben, blijkt dat ze van de ene op de andere dag nog Marokko uitgezet kunnen worden ook.
Of het zijn de correspondenten in Madrid of Parijs, die Marokko er 'even' bij doen, grotendeels door hetzelfde te doen wat ik doe: internet bijhouden (maar dan alleen Franstalig), en af en toe een keer naar Marokko wippen.
Mijn tweede bezwaar tegen dit correspondentenbeleid is dat het meestal mensen zijn die geen Arabisch beheersen. Verder zijn het veelal zeer bekwame en gedreven journalisten, met velen heb ik een vriendschappelijke band opgebouwd, maar ze missen een groot deel van de informatie over wat er in Marokko gebeurt omdat ze die bronnen niet lezen die ik wel lees, en omdat ze niet zomaar een praatje kunnen maken met de gewone man of vrouw in de straat.

Dus, wil je meer informatie dan ik kan doorgeven: duik er zelf in! Arabisch is te leren, het kost je wel zeker anderhalf tot twee jaar.
Wil je schrijven over Marokko en wil je iets vragen of checken: mail me. Meerdere journalisten doen het.
Wil je kritiek uiten over mijn verslaglegging: mrehba bi‑k (welkom), maar wel opbouwend graag, en gestoeld op feiten.


PS: Een zeer kundig en gerespecteerd Nederlands journalist kwam naar Rabat en ik heb hem uitgebreid gesproken. Hij schreef een prachtig stuk voor een gerespecteerd Nederlands weekblad, dat hij mij eerst liet lezen. Ik had een aantal correcties en aanvullingen. Daar was hij zo blij mee dat hij voorstelde ook mijn naam onder het stuk te zetten. Gezien mijn positie als diplomaat in Marokko was dat geen goed idee, dus daarvoor heb ik bedankt.

vrijdag, juni 16, 2017

Gaat koning Mohammed VI ingrijpen? Hooggespannen verwachtingen

Politiek antropoloog Mazouz stelt dat de Marokkanen een interventie van de koning verwachten, teneinde de fouten te herstellen die na de 20 Februaribeweging (2011) zijn gemaakt.

Die interventie zou moeten inhouden:
  • Naar huis sturen van de regering El Othmani. De regering is op een vreemde manier tot stand gekomen en heeft getoond niet met de protesten om te kunnen gaan.
  • Er moet een nationale eenheidsregering komen voor 2 jaar.
  • Vervroegde verkiezingen houden.
  • Het functioneren van de politieke partijen moet worden herzien. De staat moet stoppen volledige contreole op de partijen uit te oefenen.
  • Een nieuwe nationale partijen dynamiek creëren.
  • Een grondwetswijziging doorvoeren.

De wil van de monarchie om te hervormen zal onvoldoende zijn als er geen werkelijk transparant contract (pact) is met de samenleving, gebaseerd op democratie en het openstaan voor nieuwe elites die in het verleden met uitsluiting zijn geconfronteerd.

Kortom, het is niet gering, wat Mazouz hier beschrijft. Het zijn overigens verwachtingen die niet terugkomen in de eisen van de Rif-beweging.
Dat men een interventie van de koning verwacht heb ik meer gehoord en gelezen, maar dan zijn de verwachtingen meer gericht op het kalmeren van de demonstranten en het terechtwijzen van de bestuurders die er een potje van hebben gemaakt.


Welke van de verwachtingen realistisch zijn is een vraag waar de toekomst het antwoord wellicht op zal brengen.

donderdag, juni 15, 2017

De grote afwezigen, een koning en een president in Marokko

Er is de afgelopen weken veel gebeurd in El Hoceima en omstreken.
Daar is op gereageerd door verschillende partijen. De Marokkaanse staat wordt vooral verweten de protesten alleen maar te zijn tegemoetgetreden vanuit een 'veiligheidsbenadering'. Met politie, ME en leger dus.

Er is ook kritiek dat een aantal cruciale functionarissen zich geheel afzijdig hebben gehouden.
Dit verwijt is gemaakt aan het adres van:
Premier El Othmani. Hij zou zich onvoldoende hebben laten zien, en geen regie-rol op zich hebben genomen, maar het hebben overgelaten aan minister van Binnenlansdse Zaken Laftit.
Minister Ramid voor mensenrechten. In het vorige kabinet nog minister van Jusititie. Ook van de regeringspartij PJD. De protesten en de reactie erop door de autoriteiten raken aan de mensenrechten en dus had hij zich ermee bezig moeten houden, vindt men.
Elias El Omari, secretaris generaal van oppositiepartij PAM, en gekozen voorzitter van de Regionale Raad Tanger-Tetouan-El Hoceima. Deze man heeft in deze situatie meerdere petten op. Hij is dus voorzitter van een gekozen orgaan, dat niet veel feitelijke macht heeft. En hij is de leider van de PAM, een oppositiepartij, maar ook omschreven als de ‘partij van de vriend van de koning’, want de partij is opgericht door de hieronder nader te noemen El Himma.

En veel mensen, ook commentatoren en analisten vragen zich af wanneer koning Mohammed VI zich in de kwestie zal mengen. Die is tot nu to ook stil gebleven. Men verwacht van hem een toespraak zoals hij deed op 9 maart 2011, waarin hij aangaf de signalen van de demonstranten gehoord te hebben, waarna hij aankondigde dat er een nieuwe grondwet zou komen.

Ik las een bericht dat de koning boos zou zijn op zijn adviseur (en goede vriend) Fouad Ali El Himma, omdat die de bedenker zou zijn van de benadering waarbij de leiders van de protesten in El Hoceima worden beschuldigd van separatisme (afscheiding van de Rif van Marokko).

De Franse president Macron, die op bezoek was in Rabat, heeft gezegd dat de koning ongerust is over de situatie in de Rif, dat hij de demonstraties als een ‘gewone zaak’ ziet, en dat ze binnen het kader van de grondwet plaatsvinden. De koning zou willen luisteren naar de eisen van de demonstranten. Macron verwacht dat op lange termijn aan de eisen tegemoet gekomen zal worden.
http://www.hespress.com/politique/354234.html




De berichtgeving in Marokko 15 juni

Nog maar eens wat kopregels vertaald.
Hespress:
Arsalan (woordvoerder Beweging Al Adl wa al Ihsan): de arrestaties en processen zijn olie op het vuur van de protesten in de Rif.

De mars in Rabat: dynamiek van de marginalisering in confrontatie met de geloofwaardigheid van het politieke systeem.

Democratie in het huidige Marokko: voorwaarden, tekortkomingen en voorstellen voor oplossingen.

Demonstranten bekritiseren de vonnissen tegen de activisten uit El Hoceima en Deriouche.

De afwezigheid van Ramid (min. Mensenrechten; jh) in het debat over de toestand in El Hoceima wekt discussie op.

Al Nahj (Al Nahj al Dimokratiy, meest linkse politieke partij; jh): de mars in Rabat is een klap voor de maffia van de makhzen (het ‘systeem’ dat de werkelijke macht in handen heeft in Marokko; jh)

Lakome:
Initiatief voor de Rif (groep oud-politici; jh): Er is geen sprake van een separatistische stroming, er is een gebrek aan vertrouwen, wij zullen Zefzafi en zijn kameraden bezoeken.

Bovenaan aanbevelingen Initiatief tot Oplossing Rif-crisis: vrijlating arrestanten, media moeten zich openstellen voor de activisten.

Journalistenvakbond: gearresteerde Rif-mediamensen worden voor zware aanklachten vervolgd, wij eisen hun onvoorwaardelijke vrijlating.

At-Tawhid wa-l-Islah (behorend tot PJD) roept op tot kalmte in de Rif t.g.v. religieuze feestdagen en eist vrijlating arrestanten.

Juristen: directie Oukacha gevangenis heeft de deuren niet geopend voor ons om de situatie van de arrestanten van de Rif-beweging te controleren.

De PAM (oppositiepartij, ook omschreven als ‘dicht bij het paleis’; jh) omschrijft de vonnissen tegen de arrestanten van de Rif-beweging als zwaar en de eisen van de bewoners als gerechtvaardigd en terecht.

Politie treedt op met geweld tegen demonstranten te El Hoceima en verhindert protestmarsen met wapenstok.

Hoge autoriteiten wijzen het initiatief af van Youssoufi (oud premier, socialistische partij; jh), Benkirane (oud premier PJD islamitische partij, regeringspartij) en El Alaoui (oud SG van de PPS, regeringspartij) om de Rif-beweging te kalmeren en de arrestanten vrij te krijgen.

Zefzafi: de blokkade (eenzame opsluiting? Jh) heeft me niet klein gekregen. Jelloul: mijn strijd vanuit de gevangenis is een strijd voor waardigheid (karâma-dignity).

Advocaat Bouchtaoui: de zware straffen voor de leden van de volksbeweging doen ons denken aan de processen een veroordelingen uit de jaren van lood (tijdens Hassan II; jh).

Na hun isolatie: arrestanten van de Rif-beweging beginnen hongerstaking en Zefzafi mag geen contact met zijn familie of de andere arrestanten.