dinsdag, november 17, 2009

Foto's uit Riyad 2


Kingdom tower


een van de vele shopping malls


Kingdom tower by night


idem, met telelens
Posted by Picasa

zaterdag, november 14, 2009

Een paar foto's uit Saudi Arabië

Ik was in Saudi Arabië op een congres aan de King Saud University in Riyadh.
Hier een paar foto's om een indruk te geven van een Saudische universiteit.


De openingsceremonie met bobo's.



Een student die mooi (en hard!) kon spreken. Hij begon (uiteraard in Saudi Arabië) met een Koranrecitatie.



De hal van de universiteit


Een passage. Alles is overdekt tegen de brandende zon.




Binnenkort nog wat observaties uit het land van de onbegrensde oliestromen (en dus ook dollarstromen).

maandag, november 09, 2009

indrukken uit Saudi-Arabië

Ik was vorige week een kleine week in Saudi‑Arabië. Hier een paar algemene indrukken uit dat land.
Ik was er voor het eerst weer na 33 jaar. Ooit, in 1976 was een reis per vrachtwagen naar Saudi voor mij de aanleiding om Arabisch te gaan studeren.

Ik had na vier dagen één fiets gezien. Het was wel een fiets waar een gastarbeider zich op voortbewoog. Er zijn hier namelijk heel veel gastarbeiders. Het zijn vooral Pakistanen, mensen uit Bangladesh of uit India. Over het algemeen zijn ze ook moslim geloof ik, dat maakt het wat gemakkelijker om Saudi‑Arabië binnen te komen.
Ik heb ook geen kamelen gezien behalve een paar die waren vastgebonden op een pick up. Dat is ook niet zo gek want ik was in Riyad, de hoofdstad en niet op het platteland.

Terwijl ik dit schrijf zit ik in het park bij het Nationaal museum te wachten tot het museum weer opengaat om 4:30 en dan moet ik hopen dat ik naar binnen mag want dat is eigenlijk het tijdstip voor bezoek door families. Dat wil zeggen gezelschappen waar minstens één vrouw bij is. Ik liep net ook al nietsvermoedend een deel van het park binnen dat kennelijk alleen voor families bedoeld was want de beveiligingsman stuurde mij onmiddellijk terug. Er kwam zojuist ook een hele groep dames in lange zwarte gewaden langslopen. Het is duidelijk tijd voor families. Een van de dames die zojuist voorbijkwam had op de rug van haar zwarte jurk een hartje staan, in zilver geborduurd met de tekst "love" daarin. En ik zag ook duidelijk dat ze onder de zwarte jurk een spijkerbroek droeg. Maar daarover dus een lange zwarte jurk en een hoofddoek en een gezichtsluier (niqab) die alleen een smal spleetje bij de ogen onbedekt laat.

Verder heb ik geconstateerd dat de Saudis's heel veel klakkeloos hebben overgenomen van Amerika. Je ziet hier Amerikaanse politieauto's, Amerikaanse schoolbussen en heel veel Amerikaanse auto's, van die hele grote.
En ook de manier van de stedelijke inrichting is heel erg Amerikaans: allemaal lange rechte straten en langs de straten zijn allemaal winkels die uit één rij panden bestaan. Erachter beginnen gelijk de woonwijken. Voor elke winkel is een parkeerstrook zodat je met de auto voor de deur van de winkel kunt stoppen en naar binnen kunt lopen om je boodschappen te doen, en dan weer in de auto te stappen.
Ik kan me voorstellen dat in de zomer als het 50° is, dat je dan inderdaad zo van de auto met airco in de winkel met airco wilt stappen en niet eerst nog een stuk moeten lopen.
Wat de Saudi's ook van Amerikanen hebben afgekeken is teveel eten en dus te dik worden.

zaterdag, november 07, 2009

Aanrader: een geweldig boek om te lezen

Nu eens geen bericht uit of over Marokko. Ik wil u allen een boek over Egypte aanraden.
Een paar weken geleden kwam ik op Schiphol toevallig de Nederlandse vertaling tegen van het boek: Het Yacoubian, geschreven door Alaa Al Aswani.
Het boek bleek in het Nederlands te zijn vertaald door mijn collega en vriend Jan Jaap de Ruiter.

Ik had al eerder over het boek gehoord.
Het Yacoubian is een gebouw in Cairo en de roman beschrijft in een aantal door elkaar lopende verhaallijnen de belevenissen van de bewoners van het gebouw: een oude rokkenjager, een corrupte zakenman, een homoseksuele hoofdredacteur van een krant, een jongeman die zich uit frustratie aansluit bij een jihad-groep en een jongedame die eerst de vriendin van die jongeman was, maar die uiteindelijk trouwt met de oude rokkenjager.

Ik kan het boek van harte bij iedereen aanraden want het leest als een trein. Het geeft een
inkijkje in de hedendaagse Egyptische samenleving, al is het natuurlijk zo dat hier een aantal 'a-typische' bewoners bij elkaar zijn gebracht. Het leven van de meeste Egyptenaren is minder bewogen; voor hen is het leven een dagelijkse 'struggle for life' om voldoende geld te verdienen om brood op de plank te krijgen voor hun gezin. Daarin verschillen deze Egyptenaren nauwelijks van gewone Marokkanen trouwens. Voor veel inwoners van Marokko geldt dit namelijk ook.

Ik weet dat het boek ook is verfilmd, en ik ga de film zeker opsporen en bekijken.

De vertaling is uitgegeven bij Mouria (www.mouria.nl). ISBN: 978 90 458 0104 9
En voor het geld hoeft u het al helemaal niet te laten. Ik kreeg dit heerlijke boek voor slechts € 7,50 in mijn bezit.

zondag, september 20, 2009

Een paar foto's uit Marokko

Deze foto's kwam ik tegen op de website van Al Massae, de grootste Arabischtalige krant van Marokko.



Ik heb een jaar of 2 geleden wel eens geschreven over jongelui die in Tanger proberen als verstekeling op Europese vrachtwagens te klimmen. Zie hier hoe meerdere (vrij jonge) jongens proberen zich aan de trailer vast te klampen. Foto van de website van Al Massae, fotograaf: Karim Salmaoui.


Bij ons zou de complete snelweg worden afgesloten. In Marokko niet….
En zo te zien wordt er direct over roest heen geschilderd.
Foto van de website van Al Massae, fotograaf: Karim Salmaoui.


Iedereen kan een Mercedes bezitten ;-)
Foto van de website van Al Massae, fotograaf: Karim Salmaoui.

zaterdag, juli 18, 2009

Water, irrigatie en erosie

Ik heb zojuist een leerzaam weekje gehad. Ik was met drie wetenschappers van de universiteit van Wageningen op stap in Marokko. Doel van hun bezoek was het voorbereiden van een studiereis met hun studenten in oktober van dit jaar.
Een paar jaar geleden was ik op een congres over water in Marokko een docent van Wageningen tegengekomen, die me vertelde dat ze al vele jaren met hun studenten naar Tunesië op studiereis gingen.
"Waarom kom je niet een keer naar Marokko" zei ik toen. En ik deed hem ook een aanbod: "Dan neem ik een week de tijd om jullie overal te introduceren zodat jullie een programma voor die reis kunnen voorbereiden". Ik had inmiddels begrepen dat de reis de volgende aspecten zou moeten omvatten: irrigatie, erosie(bestrijding), integraal waterbeheer. Dat zijn drie aparte specialisaties in Wageningen.

Ik deed ook nog een voorstel voor een datum voor die voorbereidingsreis: eind april. Dan is het namelijk voorjaar en lekker weer. Dat ging helaas niet lukken. De dame en heren waren toen nog te druk met onderwijs etc. Ze kwamen met een nieuw voorstel: half juli. Ai, dat was even slikken. Dat zou betekenen dat we in het heetste deel van de zomer naar het zuiden van Marokko zouden gaan. Maar goed, wie A zegt moet ook B zeggen, dus ik zei "kom maar".
Die reis heeft dus afgelopen week plaatsgevonden. Van maandag t/m vrijdag hebben we een groot aantal deskundigen gesproken, een heleboel instanties bezocht, en ook nog flink wat kilometers gereden.
Maar het leukste aspect is toch dat ik er veel van heb geleerd. Dat verwachtte ik al, en daar had ik me ook op verheugd.


Het voert te ver hier alles op te sommen wat ik heb geleerd, maar ik geeft voor de aardigheid toch een paar punten weer:
Wat ik mij nooit had gerealiseerd: stuwmeren kunnen vol slibben met sedimenten. Daardoor neemt de opslagcapaciteit van het meer af en op de lange termijn is het stuwmeer nauwelijks nog te gebruiken.
Wat moet je dus doen? Stroomopwaarts al maatregelen nemen om te zorgen dat er zo weinig mogelijk aarde, zand, stenen etc. op de bodem van het meer terecht komen.
"Kun je dat niet uitbaggeren dan?" vroeg ik met mijn Hollandse nuchterheid. Maar daarvoor zijn de hoeveelheden veel te groot. Een meer van 200 miljoen kubieke meter water is voor een kwart dicht geslibt. Dat is dus 50 miljoen kubieke meter sediment (zand, grind, stenen etc.). Als een (grote) vrachtwagen 25 kuub kan meenemen zijn dat dus twee miljoen vrachtwagens. Dat is inderdaad een beetje erg veel.
Volgens een van mijn gasten wacht Marokko vooral af, of er misschien nieuwe technieken beschikbaar komen om dit probleem op te lossen.

Het nemen van maatregelen tegen erosie is daarom heel belangrijk. Maar een van de conclusies na een weekje toeren door Marokko is dat er in Marokko nog maar op zeer beperkte schaal aan erosiebestrijding, of beter nog voorkoming, wordt gewerkt. Volgens de Wageningse deskundige is Marokko daarin nog lang niet zover als Tunesië, waar veel meer wordt gedaan aan dit probleem.


In sommige 'schraal begroeide' gebieden wonen te veel mensen. Er is uitsluitend 'marginale' landbouw op heel kleine akkertjes, die vaak op steile hellingen te vinden zijn. Het bestaan is er nogal hard en men kan er nauwelijks voldoende verbouwen om van te leven met een gezin. Zulke gebieden worden vaak 'kunstmatig' in leven gehouden door migratie: bewoners die zijn weggetrokken om elders (bijv. in Nederland) te gaan werken en die geld overmaken naar de achterblijvers. Met dat geld kan zo'n gebied toch nog een bepaald aantal mensen herbergen. Dat is dan ook een reden dat de Marokkaanse overheid er zo op is gebrand die stroom van overmakingen uit het buitenland niet te laten opdrogen.
Er is nog een andere oplossing: met steun van de Europese Unie wordt een gebied ter grootte van de drie noordelijke provincies van Nederland beschermd met allerlei maatregelen tegen erosie. Terrassen op de hellingen, hekwerken die de afstroming van stenen en grond moeten tegenhouden, complete dammetjes of juist geulen die het water in een bepaalde richting moeten leiden zodat niet halve akkertjes wegspoelen. Maar dat kost natuurlijk wel een flinke duit. En als je dat per inwoner gaat berekenen is dat wel erg duur.
Dus weet de technicus uit Wageningen ook nog wel een andere oplossing: Weg hier met al die mensen. Laat het gebied bebossen en laat er geen schapen en geiten meer toe die de boel kaalvreten. Op die manier wordt het een gebied waar je water kunt gaan 'oogsten'. Als alles goed begroeid is wordt het water opgenomen in de bodem en zal het heel langzaam in de bodem zakken en ergens weer aan de oppervlakte komen, in een bron of een rivier.
Maar er kleven natuurlijk ook flinke bezwaren aan zo'n oplossing, en dat realiseert de 'techneut' zich ook wel. De mensen leven daar al vele eeuwen in stamverband en voelen zich verbonden met het gebied, ze ontlenen er voor een belangrijk deel hun identiteit aan. Ze zijn Berbers van de Ait Mguild stam en ze spreken het Berberdialect uit dat gebied. Dat kun je niet zomaar ongedaan maken.
Ach, zegt de techneut dan, in China maken ze stuwmeren waarvoor miljoenen mensen moeten worden verplaatst, waarom hier niet die tienduizend mensen verplaatsen die hier naar schatting wonen?

In Ain Leuh, een klein stadje in de Midden‑Atlas bezochten we een bron die door zo'n zeventig boeren wordt gebruikt om hun akkers en boomgaarden mee te bevloeien. Een vertegenwoordiger van de gebruikers (zelf docent Arabische op een middelbare school) heeft ons verteld hoe ze het bestuursysteem voor het gebruik van die bronnen hebben hervormd de afgelopen jaren. Het traditionele systeem met een aangestelde functionaris (amghar in het Berbers, sheikh in het Arabisch) was door corruptie en vriendjespolitiek niet meer in staat een eerlijke verdeling van het water te garanderen. Met een kleine 'revolutie' van binnenuit hebben ze dat systeem hervormd. Het bleek niet haalbaar de amghar te wippen, maar er is nu een nieuw reglement dat door hem moet worden uitgevoerd.

Dat zijn zo een paar lessen die ik afgelopen week heb geleerd. Maar dat was natuurlijk niet het doel van de reis. Doel was dus het opstellen van een programma voor de studiereis van de Wageningse studenten. Dat is in elk geval prima gelukt. Laat die studenten maar komen, er valt voldoende voor hen te zien hier.

Via mijn facebook‑pagina wist ook een bevriende journaliste van de Wereldomroep van mijn reis van afgelopen week. Ze werkt voor de Arabische afdeling van die omroep, en wilde er graag aandacht aan besteden. Dus heeft ze ter plekke een telefonisch interview (in het Arabisch) afgenomen.

zaterdag, juli 04, 2009

Hippe plek in Rabat

We hebben als NIMAR in Rabat diverse grote broers. Het Frans Instituut (Institut français) en ook het Duitse Goethe Institut.
Het Goethe heeft op de benedenverdieping een restaurant, met een echte Duitse naam: de Weimar.
Het is duidelijk verpacht aan een uitbater, maar die heeft het dan ook weten te ontwikkelen tot één van de places to be in Rabat. Het zit altijd vol.

Er is tapbier, kom daar maar eens om in Rabat. Er zijn niet veel plaatsen waar je dat hebt. En het personeel is uitstekend getraind in het oppikken van non-verbale bestellingen. Twee vingers in de lucht betekent twee verse tapbiertjes voor deze tafel.
En ze hebben hun onvolprezen 'menu du malin' bestaand uit een groot bord met daarop een halve grote pizza en een halve goed vullende salade. Op zijn Marokkaans wordt deze half-om-half schotel besteld als 'ness ness' (half half). De combinatie van pizza en salade kun je zelf samenstellen. Er zijn toch al gauw 20 pizza's en een vijftiental salades, dus het aantal mogelijke combinaties is ongeveer genoeg om een jaar lang elke dag iets anders te eten.

Zo niet Kees, die er misschien wel bijna dagelijks eet. Die neemt bijna altijd dezelfde combinatie (pizza Lorelei - salade Fraicheur). En als hij, geïnspireerd door mijn variatiedrift, ook eens wat anders bestelt, kijkt serveerster Ibtissam (dat betekent: "glimlach") met gefronste wenkbrauwen want de zekerheid van haar bestaan lijkt haast weg te vallen.
Dat Kees er zo vaak komt is overigens niet verwonderlijk want het Goethe-instituut is zo ongeveer zijn achterbuurman.

Het publiek in de Weimar bestaat voor een klein deel uit buitenlanders, en dus voor het grootste deel uit Marokkanen. Dat zijn dan wel moderne bewoners van de hoofdstad natuurlijk. Ze behoren tot de intelligentsia, de culturele scene etc. Er zitten vrouwen die roken en ook een glas bier of wijn drinken. Maar dat zijn niet de vrouwen die je tegenkomt in de bars van de duurdere hotels. Die dames zijn daar om te werken. In de Weimar komt niemand om te werken, je komt er voor het eten en de gezelligheid.

En alweer apen

Twee weken geleden gingen we een weekend naar de Cascades (watervallen) d'Ouzoud.
En ook daar weer apen.
De foto's zijn te leuk om niet te laten zien.

































De Cascades d'Ouzoud liggen dichtbij Beni Mellal in een gebied dat de grens vormt tussen de Midden-Atlas en de Hoge Atlas.
Ouzoud is een dorpje dat bekend is geworden vanwege deze watervallen. Deze rivier voegt zich even verderop bij een andere rivier die uit het grote stuwmeer Binelouidane (dat betkent: "tussen de twee rivieren") komt.
Vanaf hier is het nog een uurtje of twee naar Marrakech, of één uur naar Beni Mellal.
De watervallen vormen een bezienswaardigheid, maar ook de apen die er leven. Het is een vrij kleine populatie en ze zijn heel erg tam. Veel tammer dan de apen in de Midden-Atlas die toch altijd wel enige afstand houden.
Josine werd van achteren besprongen door een jonge aap toen ze gehurkt zat te fotograferen.
Een aap probeerde haar rugzak open te ritsen en een andere trok een plastic zak uit mijn handen.

dinsdag, juni 23, 2009

Talent volop binnen Nederlands-Marokkaanse gemeenschap

Allereerst mijn excuses aan de vaste bezoekers.
Alweer maanden geen bericht.
Als u eens wist hoe druk ik ben op het NIMAR.
Maar nu is er toch iets dat me van het hart moet.

Er was een vacature op het NIMAR. Dat is ook gelijk één van de redenen waarom ik het zelf zo druk heb.
De vacature is voor een beleidsmedewerker (internationalisering) hoger onderwijs.
En als u eens wist wat ik aan reacties heb ontvangen. Voor een groot deel van Marokkaanse Nederlanders (of Nederlandse Marokkanen) van de tweede generatie, die graag iets voor de relaties tussen beide landen willen doen.
En als je ziet wat die jonge mensen allemaal al hebben gedaan, ook voor de Nederlandse samenleving...
Hardwerkende jonge mensen, die hard hebben gestudeerd en heel interessante CV's hebben opgebouwd. Veel indrukwekkender dan menige autochtoon van die leeftijd.

Maar helaas, het beeld wordt niet bepaald door deze fantastische generatie aanstormend talent. Het beeld is helemaal gefixeerd op de raddraaiers (die er helaas wel zijn).
Niemand van de sollicitanten geeft in zijn motivatie aan dat hij/zij uit Nederland weg wil vanwege het verharde maatschappelijke klimaat. Maar het zou mij niet verbazen als dat bij sommigen toch wel een rol speelt.

Helaas kan ik hen niet allemaal aannemen, het NIMAR-budget laat dat niet toe. Maar wat zouden zij met hun energie en motivatie de onderwijssamenwerking tussen Nederland en Marokko een impuls kunnen geven.
Ik kan al degenen die ik moet afwijzen alleen maar heel veel succes toewensen in hun carrière. Alleen moet dat niet met zo'n koel zinnetje gebeuren, zo van: wij wensen u veel succes met uw loopbaan. Deze jonge mensen verdienen een serieuze kans. De meesten hebben die kans trouwens allang gekregen (of afgedwongen). Er was eigenlijk niemand die vanuit een baanloze situatie solliciteerde.

vrijdag, april 10, 2009

Berberapen in de Midden-Atlas

Afgelopen weekend was ik met mijn bezoek op stap. We kwamen in Azrou in de Midden‑Atlas. Twee jaar geleden schreef ik al over de Berberapen die daar in de cederbossen leven.
We gingen ze dit weekend nog eens bekijken. Het was niet moeilijk om een groepje te vinden en het leverde schattige foto's op van een babyaapje dat hooguit enkele dagen oud was.


Twee dagen later werd ik gebeld door Els, een primatoloog (apendeskundige) uit Nederland. Of ze langs mocht komen om eens kennis te maken. Zij zet zich op vele fronten in voor het welzijn van de Marokkaanse Berberapen.
Ze vertelde dat de populatie apen in Marokko in 20 jaar is teruggelopen van 17.000 tot 6.000. Kortom, het dier is een bedreigde diersoort.
Een belangrijke oorzaak van de afname zit hem in de smokkel van jonge aapjes naar het buitenland. Bijv. door Marokkaanse migranten die 's zomers naar Marokko komen voor hun vakantie. Ze nemen zo'n aapje mee als huisdier naar Europa. Maar als de dieren groot worden zijn ze niet in een huis te handhaven.
Maar wat dan?
Dan moet men die apen kwijt. Dan komen ze in Nederland bijv. in het opvangcentrum van de Stichting Aap.

Maar beter is het natuurlijk om die smokkel te voorkomen. Door voorlichting te geven, en door de Marokkaanse autoriteiten te vragen beter op te letten en gesmokkelde aapjes in beslag te nemen.
Maar waar laat je ze dan?
Nu wordt er gewerkt aan een opvangcentrum in Marokko. Dit initiatief lijkt een grote slagingskans te hebben nu er grond voor het centrum is toegezegd door een kapitaalkrachtige organisatie.

Het NIMAR is er voor contacten op het terrein van hoger onderwijs, dus wat moeten wij met apen zou je zeggen?
Nu wil het geval dat Els in Rabat was om aan biologiestudenten een training van een week te geven over de Berberaap. Ze hoopt dat er onder Marokkaanse biologen meer belangstelling ontstaat voor deze Berberapen, die alleen in Marokko en in Algerije voorkomen.
Zo is er toch die component met hoger onderwijs, en kan het NIMAR dus wel degelijk iets doen met zo'n project. Nederlandse deskundigheid wordt ingezet in het Marokkaanse hoger onderwijs, en als het goed is profiteert Marokko er ook nog van (en de Berberaap natuurlijk ook ;‑)

donderdag, maart 19, 2009

Communicatie

We hadden twee weken geleden met de hele NIMAR‑staf twee brainstormdagen georganiseerd.
Daar hebben we onder andere uitgebreid gesproken over de interne en externe communicatie.

Feitelijk is deze blog ook een onderdeel van de externe communicatie van het NIMAR. Hij is voor de luchtige verhalen, vooral over mijn eigen belevenissen, in functie of tijdens mijn vrije tijd.
Ik heb ook het idee opgevat een NIMAR‑blog te maken, en daar bijvoorbeeld stukjes op te laten plaatsen door onze studenten, of de collega's natuurlijk. De blog is er ook wel (nimarrabat.blogspot.com) maar er staat helaas nog niet zoveel op. Het voelt als jongleren met te veel ballen in de lucht, al die verschillende communicatiekanalen.

Maar het NIMAR heeft ook meer officiële communicatiekanalen natuurlijk. Ten eerste natuurlijk onze website (www.ru.nl/nimar). Die trekt vrij constant elke maand zo'n acht duizend bezoekers. Dat lijkt me niet slecht, alhoewel ik natuurlijk niet weet hoe de collega's het doen.
Ik deed vorige week een klein testje met Google. Ik typte in "stage in Marokko" of "studie in Marokko" en "studeren in Marokko" en bij alles kwam de site van het NIMAR als bovenste in de lijst. Dat lijkt me een aardig resultaat.
Ik heb de laatste weken ook de Nieuwsrubriek op onze site wat actueler gemaakt. Er verschijnt nu elke paar dagen wel een bericht over het reilen en zeilen van het NIMAR op de site. Soms uiterst serieus, en soms ook een tikkeltje luchtig.
Op termijn is ook nog een forum bij de site te verwachten. Daar kan dan informatie worden uitgewisseld over zaken die met het NIMAR te maken hebben.

Dan hebben we no onze elektronische NIMAR-nieuwsbrief. Die wordt ongeveer zes keer per jaar toegestuurd aan een flinke lijst met belangstellenden. Die hebben zich daarvoor opgegeven via een webpagina, of ze hebben op een andere manier hun belangstelling voor het NIMAR getoond. Of ze zijn zelfs op het NIMAR langs geweest, of hopen dat nog te gaan doen. Het is elke keer weer een klus om die nieuwsbrief te maken, maar als hij er dan weer ligt, en er komen positieve reacties op, dan geeft dat weer een voldaan gevoel. En zo wordt duidelijk dat het NIMAR groeit: er komen steeds meer activiteiten.
De nieuwsbrief wordt als bijlage per mail verzonden.

Ook hebben we sinds kort de NIMAR‑nieuwsflits. Dat is een mailbericht met daarin wat korte mededelingen, evt. met verwijzingen naar onze website. Die zal verzonden worden zo vaak als er aanleiding toe bestaat. Bijvoorbeeld als er iets te melden valt over ons onderwijsaanbod, of als we stageplekken in de aanbieding hebben, of misschien zelfs een vacature.

En dan het nieuwste van het nieuwste. Tijdens onze brainstorm leek het ons ook een goed idee om een soort on line community van 'vrienden van het NIMAR' te creëren. Om contact te houden met de doelgroep. En om hen ook in staat te stellen contact met elkaar te onderhouden. Zoiets doe je tegenwoordig in Facebook. Binnen Nederland is Hyves natuurlijk ook ontzettend populair, maar dat is te zeer beperkt tot Nederland. Aangezien het NIMAR per definitie internationaal is, is daarvoor het internationale Facebook dus ook beter te gebruiken. Dus er is sinds kort een NIMAR‑groep in Facebook (Organisaties ‑ Academische Organisaties). Iedereen kan er lid van worden, tenminste zolang het niet uit de hand loopt. Dus, beschouw je jezelf als een vriend van het NIMAR, sluit je dan aan bij de NIMAR Facebookgroep.
En wat zal het volgende communciatiekanaal zijn? Ik weet het niet, maar er zijn vast al nieuwe ontwikkelingen in gang gezet.

zaterdag, februari 28, 2009

Eerste keer familiebezoek

Ooit ben ik deze blog begonnen voor familie en bekenden. Dat zij ook wisten wat ik allemaal uitspookte in Marokko. Daarom af en toe ook een bericht voor hen.

Ik had deze week twee van mijn zoons op bezoek: Sam (Samir) en Oscar kwamen voor het eerst logeren.
Het was carnaval in Nijmegen, maar daarbij konden ze wel gemist worden.

Het was bepaald niet de eerste keer Marokko voor hen, maar wel de eerste keer dat ze in een eigen huis terecht kwamen.

En zo kwamen de heren eens even proeven van het luxe expat-leven.
Ze hebben geskied, een ritje op een quad gemaakt, luxe disco's bezocht en heerlijk in de zon gezeten. De open haard heeft nog nooit zo geknettert en met de beamer kregen we een echte thuisbioscoop. Dat gaan we later eens buiten doen, maar de avonden zijn nu nog net iets te fris.
Verder hebben ze gewinkeld: Armani-schoenen voor 13 euro, een stapel DVD's voor een euro per stuk, een heus kostuum voor 80 euro, een Rolex-horloge en een waterpijp.


En er is altijd wel iemand te vinden om even een plaatje te maken van het hele gezelschap. We staan hier op de top van Oukaïmeden, het hoogste skistation in Marokko: drieduizend en een paar meter. Het was heerlijk skiën daar.

Verder hebben ze op mijn twee schildpadden gelet, die ik maandag heb gekregen. Nou ja, schildpadden, eentje is er zo groot als een walnoot. Die moet een aparte ren krijgen want anders hebben we schildpadsoep als Rachid een keer het gras gaat maaien.

Ik heb hen zojuist weer op het vliegveld afgeleverd want maandag wacht de school en de studie weer. Maar aangezien ik zelf komende woensdag voor een weekje naar Nederland ga, zullen we elkaar al spoedig weer zien.
Maar in huis is het dus stil nu, dat is weer even wennen.
Oscar in zijn witte overhemd op de quad. Dat overhemd kon na afloop in de was. De foto is gemaakt terwijl ik naast hem reed. Toch handig zo'n 4x4.

vrijdag, februari 27, 2009

Veel succes Rebekka!

Ik heb op mijn blog al eens eerder geschreven over de invoering van het vak Nederlands aan de universiteit van Casablanca.
Het is nu eindelijk zo ver! Tweeëneenhalf jaar nadat toenmalig minister van OCW Maria van der Hoeven bij de opening van het NIMAR aan Marokko een leerstoel Nederlands aanbood, gaat het er nu echt van komen.
Er waren drie sollicitatierondes voor nodig, maar afgelopen december is eindelijk een geschikte kandidaat gevonden die als docent in Casablanca Nederlands kan gaan geven, en ze heet Rebekka.

Twee weken geleden kwam ze aan op het vliegveld van Casablanca. Ik had beloofd haar op te zullen halen als ze aankwam, dus dat heb ik gedaan.
Afgeladen met koffers arriveerde ze op een zonnige middag begin februari, het was een wonder dat ze maar 10 kg. overbagage had hoeven betalen.

Ik bracht haar naar haar appartement, redelijk centraal gelegen in het centrum van Casablanca.
Dat was gelijk de eerste serieuze test voor mijn Marokkaanse variant van Tomtom (MoMo?). Ik raak in Casablanca altijd de weg kwijt, maar deze keer, zelfs met opgebroken en afgesloten straten, reden we rechtstreeks naar het appartement toe. Vraag niet in welk tempo, want het verkeer zat op diverse plaatsen hopeloos vast. Het verkeer in Casablanca is veel erger dan in Rabat, het begint op Cairo te lijken, zeker nu ze diverse doorgaande wegen hebben opengegooid om aan een metro te gaan werken.

Aangezien ik haar ook al aan dit appartement had geholpen (kennissen vertrokken uit Casablanca rond het tijdstip van haar aankomst) heb ik haar aardig op weg geholpen.

Het enige probleem is nu nog dat een deel van haar bezittingen in mijn container met huisraad en kantoorbenodigdheden zit, en dat het Marokkaanse ministerie van Buitenlandse Zaken geen haast maakt met toestemming geven om die container in te klaren.
Niet alleen zitten haar spullen in mijn container, maar ook de (aanzet tot een) bibliotheek Nederlands voor de universiteit van Casablanca.

Toen ik Rebekka op de faculteit ging voorstellen aan de leiding, vernamen we dat er zich zo'n 90 studenten hadden aangemeld voor de lessen Nederland.
Kort voor aanvang van de lessen hoorde ik via de collega's van de ambassade dat dit aantal inmiddels was gestegen tot 170(!).

Aan het eind van de eerste lesdag heb ik Rebekka gebeld, om te horen hoe de eerste lesdag was verlopen. Ze had die dag in totaal zo'n 100 studenten de eerste beginselen van de Nederlandse taal bijgebracht. Het astronomische aantal van 170 was (gelukkig?) toch wat meer tot realistische proporties teruggebracht.

Zo was dinsdag 24 februari een historische dag: de eerste lessen Nederlands aan een Marokkaans en Arabische universiteit waren een feit.
Rebekka voor de ingang van de faculteit Lettres et Sciences Humaines.

woensdag, januari 21, 2009

Chaotisch dagje op het NIMAR

Woensdag 21 januari: tussen 9 en 11 hadden we ons tweewekelijks werkoverleg.
Terwijl we daarmee bezig waren kregen we een klacht van de buurman over lekkage langs de muur aan zijn kant. De indruk was dat de oorzaak van de lekkage aan onze kant zou zitten.
Dus werd een loodgieter gebeld. Die kwam kijken, en stelde voor het complete leidingwerk in ons pand te vernieuwen. Dat was een nogal omvangrijke operatie.
De huisbaas kwam ook langs om huur op te halen, toen hij hoorde van het probleem belde hij zijn eigen loodgieter om te komen kijken.
Dat werd zoeken en zoeken, maar uiteindelijk was de conclusie dat er inderdaad een lek in de muur aan onze kant moest zitten.
Ondertussen was er een ploeg van Maroc Telecom verschenen voor het aansluiten van een nieuwe telefooncentrale. De oude gaf problemen en moest vervangen worden. Ze zouden vandaag bellen voor een afspraak, maar nu stonden ze zonder afspraak op de stoep. NIET weg laten gaan zei ik. Installeren dat ding! Dus die gingen ook aan de slag. Boren, draden trekken etc. Maar, dit blijft Marokko, debenodigde kabels hadden ze niet bij zich. Geen probleem, onze bewaker Abdellah sprong op zijn scooter en scheurde naar de doe-het-zelf-zaak.
En toen kwam er ook nog een telefoontje van onze leverancier van kantoormeubilair, dat het meubilair dat gistermiddag om 16.30 was besteld in Casablanca, vandaag al in Rabat bezorgd zou worden. OK, laat maar komen!
Ondertussen was de loodgieter aan de slag gegaan met hakken en breken om het lek te traceren, bij ons in de muur, en de zooi werd steeds groter. Puin van weggehakt stucwerk en bakstenen vulden de hal op de bovenste etage. Twee kasten zijn weggeschoven om ruimte te creëren.
Als een geluk bij een ongeluk belde leverancier Mobilia met meubels voor ons nieuwe gastenappartement dat ze pas morgen zouden komen afleveren.
Het kantoormeubilair werd gemonteerd en in de kamers ingeruimd, verpakkingsmateriaal slingerde overal rond.
En wie hield het hoofd koel: Farid onze rots in de branding, onze alleskunner. Hij kwam op het idee Abdellah op de scooter weg te sturen, hij stond iedereen te woord en is vandaag minstens 40x twee trappen op en af geweest. Ik was zelf nog wat aan het uitzieken van een griepaanval in het weekend, voelde me nog wat slapjes dus ik probeerde zelf zo weinig mogelijk de trap op en af te gaan.
Om 4 uur eindigt de werkdag van onze rots in de branding, maar hij zegde een andere (werk)afspraak af om het fort te blijven bewaken.
Ik had inmiddels gasten uit Nederland ontvangen, en moest me met hen bezighouden maar voelde me wel schuldig.
Als het NIMAR een Macdonalds was, en we zouden doen aan 'medewerker van de maand' zou Farid de eerste zijn.

zondag, januari 11, 2009

Van onderwijscoördinator tot directeur

Sinds 1 januari 2009 ben ik binnen het NIMAR 'doorgestroomd' naar de functie van directeur.
De oude directeur, Paolo De Mas, is onder veel dankbetuigingen teruggekeerd naar Nederland, en ik heb zijn taken met ingang van afgelopen week overgenomen.
Deze stap was al een tijdje bekend, en intimi wisten het ook al, maar nu is het dus officieel.

Het feestje dat ik in mijn vorige stukje noemde, was mijn afscheidsfeestje uit Nederland. Het viel toevallig ook samen met mijn 25-jarig jubileum als docent Arabisch aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Drie jaar geleden was ik de initiatiefnemer en oprichter van het NIMAR. Maar ik was toen vanwege mijn privésituatie niet beschikbaar om permanent in Marokko te gaan zitten. Inmiddels is die situatie gewijzigd, en was ik nu wel beschikbaar om mijn ‘kindje’ onder mijn hoede te nemen. De eerste tweeëneenhalf jaar heeft Paolo De Mas mijn kindje geadopteerd en het met grote zorg en toewijding als zijn eigen kindje opgevoed. Paolo omschreef deze periode zelf in ons gastenboek, bij zijn afscheid, als een soms hectische maar boeiende en interessante periode. En dat was het zeker.

En ik ben niet alleen directeur van het NIMAR geworden maar ook onderwijsattaché op de Nederlandse ambassade te Rabat. Met andere woorden, ik ben op mijn oude dag ook nog diplomaat geworden, inclusief een diplomatiek paspoort.
Dat heeft overigens ook bepaalde consequenties.
Als diplomaat word ik niet geacht in het openbaar opinies over Marokko te verkondigen. Weliswaar deed ik dat niet zo vaak op deze blog, en beschreef ik hier meestal mijn eigen belevenissen of gaf ik tips aan de lezers over reizen in Marokko, maar nu zult u dus helemaal verstoken blijven van 'gevoelige informatie' en zal ik mij diplomatiek moeten uitlaten.

Sinds 6 januari woon ik nu in Rabat en dat is voor het eerst in de lange periode van ruim 30 jaar dat ik in Marokko kom. Nooit eerder heb ik echt hier gewoond. Mijn verblijven waren altijd tijdelijk, van enkele dagen tot enkele weken, en de laatste paar jaar, sinds de oprichtingsfase van het NIMAR wel met grote regelmaat.

Ik heb geen plannen om deze blog van karakter te gaan veranderen, behalve dus de hierboven genoemde beperkingen. Maar ik zal zeker regelmatig een stukje blijven plaatsen. Er komt alleen maar meer inspiratie dan voorheen natuurlijk.
Maar in de afgelopen periode was het al zo dat niet alle ideeën voor een stukje ook echt werden uitgewerkt, dat zal in de toekomst ook wel zo blijven.

Ik blijf mijn best doen voor de vaste en incidentele lezers met enige regelmaat een interessant stukje over mijn belevenissen in Marokko te schrijven. En soms wil ik gewoon een paar mooie foto's laten zien.

Maar ik ga mij toch vooral inzetten om het kindje NIMAR tot volle wasdom te laten doorgroeien.

zondag, december 21, 2008

Lekkere Marokkaanse hapjes bij u thuis

Ik gaf thuis een feestje en wilde mijn bezoekers eens laten proeven van de heerlijke gerechten uit de Marokkaanse keuken. Aangezien ik nogal wat mensen verwachtte, besloot ik dat niet zelf te gaan maken.
Dus ging ik zoeken naar een cateringbedrijf dat Marokkaanse gerechten kon serveren voor 30-40 personen.
Al Googlend kwamt ik terecht op de site van Couscous&Zo: http://www.couscousenzo.nl/
Ik kan er kort over zijn: Heerlijke gerechten, prima service, duidelijke en heldere afspraken, redelijke prijzen.
Alleen zitten ze wat ver van Nijmegen af, in Lepelstraat. Daar heeft u zeker nog nooit van gehoord? Nou ik ook niet, maar het is bij Bergen op Zoom.
Maar ik wil dit bedrijf van harte bij u aanbevelen.
(En ik heb geen korting op de rekening gekregen als ik reclame zou maken ;-)

maandag, december 08, 2008

En nog meer schapen

En ja hoor, ik liep in Rabat in de stad, hartje centrum, wordt er een kofferbak van een auto open gemaakt, en wat hoorde ik: bèèèh ;-)
De parkeerwacht werd erbij gehaald om het beest eruit te tillen, want mijnheer wilde daar zelf zijn kleren niet aan vuilmaken natuurlijk.
Toen werd de ram weer bij de hoorns gevat om hem aan de overkant van de straat naar binnen te loodsen. Waarschijnlijk kwam het beest daar voor het eerst van zijn leven in een lift.
Op de radio ging het ook weer uitgebreid over schapen. Dat je goed moet kijken dat je geen ziek schaap koopt. Dat hij geen koorts heeft bijvoorbeeld. Nou ik heb op die markt niemand met een koortsthermometer het achterwerk van een schaap zien bewerken.
Er is overigens voldoende aanbod. De schatting is dat er ruim 6 miljoen schapen worden aangeboden, en dat er ongeveer 4 miljoen het einde van morgen niet zullen halen. Dat zou toch moeten betekenen dat de prijzen kunnen zakken, want dat gebeurt als het aanbod groter is dan de vraag, heb ik vroeger bij economie geleerd.

zondag, december 07, 2008

Schapen, schapen en nog eens schapen



Iedereen heeft het over schapen deze dagen. Dinsdag is het slachtfeest, l-'id le-kbir oftewel het grote feest. Of in Standaard Arabisch: 'id al-Adha.
Ter nagedachtenis aan Abraham die bereid was zijn zoon te offeren toen God hem dat opdroeg, wil men in elke familie een schaap slachten. Bij voorkeur een ram.
En dus heeft ook in het wereldse Rabat, de administratieve hoofdstad, iedereen het deze dagen over een schaap. Hoeveel ze kosten, waar je er eentje kunt kopen etc. En... waar je hem gaat laten.
Een van de collega's op het NIMAR was blij dat ze dit jaar naar haar schoonfamilie gaan, dan hoefde ze thuis niet voor een paar dagen een schaap in de bijkeuken te dulden.
Aan de buitenkant van Rabat is een schapenmarkt ingericht. Vrachtauto's, busjes en pickups zijn uit alle hoeken en gaten van Marokko gekomen met een wollige blatende lading.
Een schaap kost zo tussen de 1300 en 1800 Dirham (120-160 euro), tenzij je een hele grote dikke wilt, dan kan het oplopen tot 3000 Dirham (280 euro).
Als het beest dan gekocht is, moet hij naar huis vervoerd worden natuurlijk. Om daar nog twee nachtjes in de bijkeuken, op het plaatsje of het dakterras te bivakkeren voordat hij een rode das om krijgt. Die uitdrukking heb ik van mijn vader, en hij is heel goed van toepassing op de islamitische manier van religieus goedgekeurd (hallal) slachten: de halsslagader van het dier dient in één vloeiende beweging te worden doorgesneden zodat het dier in recordtijd kan doodbloeden. Daarbij is het de bedoeling dat er geen spoortje bloed in het lichaam achterblijft.
Maar terug naar het vervoer, want daarvan heb ik een paar leuke foto's gemaakt.
Dat vervoer kan op verschillende manieren gaan. In de eigen auto (bijvoorbeeld in de kofferbak), in een gehuurde Honda (zo'n klein pickup vrachtautootje), of gewoon lopend.
Maar ook als je het arme beest in de eigen auto wilt meenemen, moet hij eerst bij de auto terecht komen natuurlijk. En dat gaat meestal al niet van een leien dakje. Die schapen lijken (niet onterecht) een voorgevoel te hebben dat hen iets onheispellends boven het hoofd hangt, en dus gaan ze tegenstribbelen.
En daar moet dan iets op gevonden worden.
Zie de foto's hieronder, die spreken voor zichzelf, alhoewel ik de verleiding van het plaatsen van een paar melige onderschriften niet kon weerstaan.
Het zijn er wat veel maar ze zijn te leuk. En u bent vrij om te kijken of niet ;-)


Zo kan het schaap eens zien hoe een kameel de wereld ziet.


Schaap: "interessant zo'n kamelenview"


Schaap: "nooit gedacht dat ik nog eens als kruiwagen zou worden ingezet."




Je zou er haast iets bij gaan denken.



Een stuk makkelijker om het schaap op deze manier thuis te krijgen.



Lotgenoten.



Men noemt ze "Honda's" maar dit is dus een Suzuki.



Wie geen geld heeft voor een schaap stelt zich tevreden met een geit. Dat is ook een stuk minder zwaar bij het sjouwen.



Schaap: "Ik wil terug naar mijn maatjes."



Met een knietje probeer je het schaap onopvallend in beweging te houden.



En anders wordt het echt duw- en trekwerk. Dan zijn die hoorns wel handig.





Om hem mee te trekken moet je van goeie huize komen.



Het lijkt wel of ze elkaar opstoken om niet mee te werken.



Zo kan het wel even duren dus. Dat is wat ze noemen "hakken in het zand".




"Bokkig" heeft eigenlijk op zijn verre neef betrekking, maar hij kan er ook wat van.



Nog een keer de kruiwagenvariant.



Of aan de hoorns vastpakken en de voorpoten van de grond tillen. Dan kan hij nog maar twee poten schrap zetten.



Dat schiet lekker op zo.




De boel belazeren met opplakhoorntjes kan nooit, want die zouden zo zeker los schieten.





Dat ziet er niet echt handig uit zo.

Men neme één schaap, bij kop en kont, en loopt er zo mee naar huis.

We zijn bijna bij de parkeerplaats. Nu moet het beest nog in de kofferbak. Hij luistert vast niet naar het commando "spring!".